Herfstverschijnselen

Herfst betekent voor plant en dier klaarmaken voor de winter. Dit proces wordt geregeld door het biologisch klokje. Alle levende wezens bezitten zo’n klokje. Dit klokje wordt beïnvloed/gestuurd door de daglengte en de temperatuur. Bladverkleuring, paddenstoelen, zaden en bessen, vogeltrek, winterrust en winterslaap.

Bladverkleuring:

Planten trekken hun nog bruikbare voedingsstoffen uit het blad terug en gebruiken deze weer in het voorjaar om te kunnen groeien en bloeien. Nadien komen er gele en rode kleuren te voorschijn. De bladeren vallen pas af nadat het wondje tussen de bladsteel en het takje met een kurklaagje is gedicht en afgeschermd. In de bladoksels bevinden zich blad en bloemknoppen. De afgevallen bladeren worden weer door schimmels, bacteriën en bodemdieren omgezet in kleine bouwstenen voor andere planten.

Paddenstoelen:

In ons land komen ongeveer 3600 soorten paddenstoelen voor. Paddenstoelen zijn de vruchtlichamen van schimmels. We onderscheiden globaal 3 groepen. Parasitaire soorten: zij leven ten koste van levende wezens. Honingzwam, berkenzwam. Saprofitiesche soorten: zij leven van dood materiaal. Soorten die in symbiose leven: de bekendste is de vliegenzwam. Zij zorgen ervoor dat planten gemakkelijker mineralen kunnen opnemen, in ruil krijgen de paddenstoelen suikers. Steeds meer komen mensen tot de ontdekking dat planten op deze manier samenleven. Paddenstoelen zijn in feite de “vuilnismannen” van het bos en onmisbaar voor een bos. In dennen en sparrenbossen zorgen paddenstoelen ervoor dat het dood plantenmateriaal wordt omgezet in nieuwe bouwstenen. Veel planten leven samen met schimmels. Het is verstandig om paddenstoelen gewoon laten staan. Zaden en bessen: Zij zijn kleurrijk en vormenrijk. Hun verspreiding vindt plaats door o.a. wind, dieren en water.

Vogeltrek:

Biologische klok. Soms ook door voedselgebrek trekken vogels weg uit hun broedgebieden. Er zijn soorten die overdag trekken (vinkachtige) andere soorten trekken tijdens de nacht (roodborstje en koperwiek) Weer andere soorten doen het tijdens de dag en de nacht (ganzen). De nachtelijke trekkers laten zich leiden door de sterrenhemel. De dagtrekkers laten zich leiden door kusten, bergen, riviermondingen en de ervaring van oude vogels. Wat wij mensen van de vogeltrek zien, is slechts een fractie van het geheel. Het gaat om miljarden vogels die van noord naar zuid verkassen. In het voorjaar gebeurt dit in omgekeerde volgorde. De voorjaarstrek is minder massaal dan de najaarstrek. Het uitrusten met zenders en ringen van vogels zorgt er mede steeds voor dat we iets van dit fenomeen zijn gaan begrijpen.

Terug naar overzicht