Het Jacobskruiskruid

(22-07-2006) Al enkele jaren wordt er in de media aandacht besteed aan het Sint Jacobskruiskruid. Wat men echter bedoelt is het Jacobskruiskruid ( Senecio jacobaea). In de media komen meestal alleen de paardenliefhebbers aan het woord. In hun pleidooien over de giftigheid van deze plantensoorten krijgen de natuurbeschermers meestal de schuld van de in hun ogen explosieve toename van deze mooie wilde bloemensoort. Want mooi is deze soort zonder meer met hun wat oranjeachtige hartje en diep gele lintbloemen. Die natuurbeschermers zouden deze soort bewust uitgezaaid en verspreid hebben om een vlindertje in stand te houden. Je moet maar op het idee komen om mensen de schuld te geven voor het aanmoedigen van een overigens prachtig roodzwart gekleurd nachtvlindertje, dat toevallig algemeen is en ook nog overdag actief is. Ik zal een poging doen om mijn ervaring over de verspreiding van het Jacobskruiskruid aan u uit te leggen, wetende dat ik daar een aantal paardenvijgen over me heen zal krijgen. Ik vind dat de burger ook recht heeft op de andere kant van het verhaal van een natuurliefhebber. Met een regelmaat krijg ik op de Heemtuin verontrustte burgers op bezoek. Hieruit blijkt hoe eenzijdig men is voorgelicht en dat vind ik erg jammer. Ik schrijf dit verhaal ook omdat ik enkele dagen geleden mensen van de Rucphense plantsoenendienst op bezoek kreeg, die in opdracht een kleine vrachtwagen vol met Jacobskruiskruid uit de bermen hadden gestoken. Ik vind het erg zorgelijk. Zorgelijk omdat dit best veel belastinggeld kost en niets aan het geheel zal veranderen. Vijfentwintig jaar geleden was het Jacobskruiskruid in onze streek onopvallend aanwezig in bermen en weitjes met paarden. Dat de soort vooral in deze paardenweitjes floreerde had te maken met het feit dat paarden het plantendek kort begrazen waardoor het plantendek open komt en daar houdt deze plant van. Ook wisten de paarden dat zij de plant niet moesten eten en lieten zij deze ongemoeid waardoor de plant zich snel kon uitbreiden. De zaden worden vooral door wind verspreid. De zaden kiemen vooral in droge, redelijk voedselarme en open plantendekken. Ik heb het geluk gehad een aantal jaren bij het Brabants Landschap te mogen werken. In het begin van de tachtiger jaren mocht ik af en toe mee naar het landgoed de Mattenburg in Bergen op Zoom. Wat mij daar opviel was dat de bermen langs de autosnelweg in juli behoorlijk geeloranje gekleurd waren met de bloemen van het Jacobskruiskruid. Deze massaliteit kende ik alleen uit de duinen. Ik wil een stapje terug in de tijd. In de tijd dat de eerste snelwegen werden aangelegd bestonden de bermen uit voedzame gronden. Deze voedzame bermen waren aangelegd omdat men twee keer per jaar het hooi kon oogsten en dit aan boeren zou kunnen verkopen. De boeren waren er rap achter dat dit hooi vol met lood en andere smerigheid, afkomstig van het autoverkeer, zat. Om de kosten van het maaien en dumpen naar beneden te krijgen werd overgestapt naar bermlichamen met een zandige ondergrond met daarin zo min mogelijk voedingsstoffen. Hoe voedselarmer de bermen hoe minder groei van het plantendek. Een aantal bermen blijkt een goed milieu te zijn voor het Jacobskruiskruid en wat is er idealer om je zaden over grote afstanden te laten verspreiden door, . juist door auto’s. De mogelijkheid is niet uit gesloten dat menig zeebezoeker in zomer de zaadjes per auto heeft vervoerd tot in onze streek. In het begin van de negentiger jaren was de soort al opgerukt tot aan oude viaduct bij Princenville in Breda. Ook de zebrarupsen van het Sint Jacobsvlindertje waren met hun voedsel meegetrokken. Mooi is dat dit uit gele en zwarte ringetjes bestaande rupsje zelf geen last heeft van de gifstoffen die in de plant zitten. Nog mooier is dat vogels de rupsjes niet eten vanwege hun giftigheid. De rupsjes vreten de plant helemaal kaal waarna deze afsterft. De rupsjes worden wel in toom gehouden door sluipwespen en bepaalde mierensoorten. De paardenliefhebber wil nu echter het onmogelijke aan de samenleving opleggen door de plant als het ware uit te roeien wat natuurlijk een utopie is. Paarden en andere diersoorten weten zelf maar al te goed dat zij de levende plant met rust moeten laten. Het probleem voor deze dieren ligt hem in het feit dat zijn bezorgde baas hooi aanschaft waarin planten van het Jacobskruiskruid in gedroogde vorm zitten en de dieren de plant in de gedroogde vorm niet meer herkennen. Hooi met daarin planten van het Jacobskruiskruid is goedkoop en soms krijg je dit voor niets. Ik zou als paardenliefhebber, voordat ik hooi aanschafte, eerst gaan kijken waar het hooigras vandaan komt. Als we echt naar giftigheid zouden kijken en daar gezamenlijk wat tegen moeten ondernemen zou ik kiezen om de luchtkwaliteit te verbeteren. Aan de slechte luchtkwaliteit sterven aantoonbaar in ons land jaarlijks tienduizenden mensen. Maar ja, dan moeten we met z’n allen meer op fiets en daar wordt je weer moe van. En wat denkt u van de giftigheid van zwarte els en taxus voor dieren. Ik zou nog wel een rijtje met planten kunnen noemen die gewoon in onze tuin of in kwekerijen staan en wat te denken van de 30.000.000 kilo vergif die we met z’n allen jaarlijks strooien of spuiten. Het bestrijden van Jacobskruiskruid is een bijna ramp voor de natuur omdat er zoveel dieren afhankelijk van zijn. Dit is voor het gemak een kringloopje:... plant-insecten-insecteneters..... zoals b.v. vogels, egels. Natuurtip: . Let eens op het aantal prachtige insecten dat voedsel zoekt op het Jacobskruiskruid. Terug naar overzicht